Hoe maak je een 'Starless' versie van je foto met StarNet++?

Portret van Redactie Martijn de Valk, Redactie
Redactie Martijn de Valk
Redactie
Nabewerking & Software · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Je hebt net een prachtige foto van de Melkweg gemaakt, maar die ene storende sterretjes wolk verstiert het feest.

Of misschien wil je juist de achterliggende nevels extra tot hun recht laten komen, zonder de schittering van sterren. Het kan allebei. Met de juiste software knip je sterren uit je foto alsof je ze met een digitale pincet verwijdert. Het resultaat?

Een zogenaamde ‘starless’ versie die je voor van alles kunt gebruiken. StarNet++ is hierin de gouden standaard, en vandaag leer je precies hoe je deze tool inzet, van begin tot eind.

Wat je nodig hebt voordat je begint

Voordat we digitale sterren gaan verbannen, zorgen we dat de basis op orde is.

StarNet++ is namelijk geen los programmaatje dat je even snel opent. Het is een plugin die je aanstuurt vanuit bestaande beeldbewerkingssoftware.

De meeste astrofotografen gebruiken hiervoor PixInsight. Dit is de onofficiële standaard in de amateursterrenkunde, maar je betaalt er wel voor (rond de €270 voor een levenslange licentie). Er zijn gratis alternatieven zoals de StarNet++ plugin voor GIMP of Photoshop, maar de integratie in PixInsight werkt het soepelst. Zorg dat je een redelijk krachtige computer hebt; de berekening kan flink wat processorkracht vragen.

Een laptop met een i5 processor en 8GB RAM kan het aan, maar met 16GB RAM en een snellere SSD gaat het een stuk aangenamer.

Reken op een verwerkingstijd van 1 tot 5 minuten per foto, afhankelijk van de bestandsgrootte en je computer.

Stap 1: De juiste basisfoto klaarzetten

StarNet++ is een krachtige tool, maar geen magie. De plugin werkt het beste op een foto die al enigszins bewerkt is.

Je wilt namelijk dat het algoritme precies weet wat een ster is en wat niet. Begin daarom met je rauwe astrofoto die je hebt omgezet naar een 16-bits TIFF-bestand.

Pas eerst je standaard correcties toe: verwijder ruis (noise reduction), corrigeer het kleurbalans en zorg voor een goede helderheid en contrast. Zorg dat de sterren scherp en duidelijk zichtbaar zijn. Een veelgemaakte fout is het te ver doordrukken van de helderheid voordat je de sterren verwijdert. Hierdoor worden de sterren te groot en ‘pappen’ ze samen, waardoor StarNet++ ze niet meer als individuele objecten herkent. Houd de foto dus in een neutrale, maar correcte staat.

Stap 2: StarNet++ installeren en starten

Als je de plugin in PixInsight hebt geïnstalleerd (via de menu-optie ‘Plugins’), is het tijd om te starten.

Open je bewerkingsfoto in PixInsight. Ga naar het menu en zoek naar ‘StarNet++’. Je krijgt nu een venster te zien met een paar instellingen. De belangrijkste is de schuifregelaar ‘Star Size’.

Hiermee geef je aan hoe groot de sterren op je foto ongeveer zijn. Een waarde tussen 20 en 40 pixels is een goed startpunt voor een doorsnee sterrenhemel-foto gemaakt met een camera als een Canon EOS 6D of Sony A7S.

Een te lage waarde (onder de 15) zorgt dat de plugin kleine sterretjes over het hoofd ziet.

Een te hoge waarde (boven de 60) kan delen van de achtergrond of melkwegstructuur per ongeluk als ster beschouwen. Klik op ‘Run’ en wacht. Je scherm wordt even bevroren, en na een minuut of drie zie je een preview van je foto zonder sterren.

Stap 3: Het masker perfectioneren

Als je foto plotseling vol gaten lijkt te zitten, is dat normaal.

StarNet++ verwijdert de sterren en vult het gat op met de achterliggende data. Soms is die opvulling niet perfect. Daarom gebruiken we een trucje.

De plugin maakt namelijk automatisch een masker aan. Door luminantie maskers te gebruiken voor meer diepte, laat dit masker precies zien waar de sterren zaten (wit) en waar de rest van de foto is (zwart).

Sla dit masker op. Nu kun je je originele foto en de ‘starless’ versie combineren.

Plaats de starless versie als een nieuwe laag bovenop je originele foto. Gebruik het opgeslagen masker om de starless laag precies over de sterren heen te leggen. Een veelgemaakte fout is om de masker-instellingen niet goed te controleren. Zorg dat het masker ‘inverted’ (omgekeerd) is, zodat je alleen de sterren bewerkt en niet de rest van de lucht. Gebruik de ‘Range Selection’ tool in PixInsight voor extra precisie als je merkt dat de randen een beetje vreemd overkomen.

Stap 4: De starless versie integreren in je workflow

Nu je een perfecte starless versie hebt, begint het echte werk pas.

Deze afbeelding is een schat. Je kunt hem gebruiken om je originele foto te verbeteren. Plak de starless versie in een nieuwe laag in je bewerkingsprogramma en zet de mengmodus op ‘Lighten’ of ‘Screen’. Dit voegt de heldere delen van de starless laag toe aan je originele foto.

Als je de Melkweg fotografeert, merk je nu dat de structuur van de nevels ineens veel strakker en helderder wordt, terwijl de sterren gewoon blijven staan. Een andere gave truc is het versterken van de kleuren in de nevels.

Omdat de sterren eruit zijn, kun je nu selectief de kleurverzadiging opvoeren zonder dat de sterren uitlopen of vervagen.

Dit is een techniek die je vaak ziet bij professionele astrofotografen met telescopen van merken als Sky-Watcher of William Optics. Ze gebruiken de starless data om de diepte in hun beeld te maximaliseren.

Veelgemaakte fouten en hoe je ze oplost

Ook met de beste tools kun je de mist in gaan. Een klassieker is het vergeten van de ‘Deconvolution’ stap.

Als je foto nog niet scherp is, haal je met StarNet++ alleen maar onscherpe sterren weg. Gebruik voor een snelle nabewerking onderweg ook eens handige mobiele apps voor astrofotografen.

Zorg dat je foto technisch in orde is voordat je begint. Een andere valkuil is het te snel afhandelen van het proces. Het algoritme is slim, maar het is geen wonder.

Bij extreem drukke sterrenvelden of bij foto’s gemaakt met een lange brandpuntsafstand (bijvoorbeeld met een Televue 85mm lens) kan het lastig worden. De plugin kan dan delen van de melkweg als ster zien. De oplossing? Gebruik de ‘Stellar Photometry’ optie in PixInsight of verlaagt de ‘Star Size’ parameter en draai het proces twee keer. Soms is een combinatie van handmatig maskeren en handige Photoshop plugins voor astrofotografie de beste optie voor het allermooiste resultaat.

Checklist: Is je starless foto perfect?

Voordat je je werk opslaat en de wereld instuurt, loop je even deze lijst na. Dit voorkomt spijt achteraf en zorgt dat je foto er professioneel uitziet.

  • Zijn er geen rare gaten of artefacten?
  • Kijk goed naar de plekken waar de grootste sterren zaten. Is de opvulling netjes? Zie je geen vreemde vlekken of cirkels?

  • Zijn de randen van de nevels scherp?
  • Zoom in en controleer dit op 100% vergroting. Als je de starless versie over je originele foto legt, mogen de randen niet vervagen of juist te hard worden.

  • Klopt het kleurbalans?
  • Speel met de dekking van de laag (opacity) als dit niet perfect is. Door het verwijderen van de sterren (die vaak wit of geel zijn) kan de foto iets te blauw of te rood overkomen. Pas eventueel de kleurtoon licht aan. StarNet++ kan soms lichte ruis introduceren op de plekken waar sterren zaten.

  • Is de ruis niet toegenomen?
  • Een lichte ruisreductie op die specifieke plekken kan wonderen doen. Sla altijd je originele bestand op (met sterren), de starless versie en het masker apart op. Zo kun je altijd terug of iets aanpassen zonder alles opnieuw te hoeven doen.

  • Bewaar je bestanden logisch?
Portret van Redactie Martijn de Valk, Redactie
Over Redactie Martijn de Valk

Expert content over telescopen sterrenkijken astronomie

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Nabewerking & Software
Ga naar overzicht →